OranjelogoDe Huizen van Oranje en NassauNassau
Majesteitelijke Tuinen
Vlag BelgieVlag NederlandGouden KroonVlag LuxemburgVlag Duitsland

Koninklijke Tuinen

De Tuinen van Kasteel Het oude Loo


Het toegangshek met links en rechts in de muur de wachthuisjes en het Kasteel Het oude Loo.

In het kroondomein ligt slot Het Oude Loo, dat sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw door de Koningin(thans Prinses) als buitenverblijf van de staat
wordt gehuurd. Daarmee wordt het gebruik van slot Het Oude Loo door het Huis Oranje-Nassau voortgezet. Het Oude Loo is een 15e eeuws jachtslot met
een gracht eromheen. Het werd in 1684 gekocht door stadhouder Willem III. Het kasteel is niet toegankelijk voor publiek. De tuinen rond Het Oude Loo
zijn echter in de maanden april en mei wel toegankelijk. In deze tuinen vindt men onder andere een doolhof, prachtige 18e eeuwse heggen, zeer fraai
aangelegde vijverpartijen, die gevoed worden door kleine smalle water en aan- en afvoer routes in de vorm van sprengen en nog veel meer. Oeroude eiken
die vertellen van het leven van weleer, goed onderhouden struiken en prachtige bossages completeren het geheel tot een waar genot waar de wandelaar
zeker aan zijn trekken komt. In de maand mei bloeien de rododendrons en azalea's.


Bomen gepland door Prins Willem-Alexander, Prins Friso en Prins Constantijn.

De entree van het landgoed is helemaal niet zo indrukwekkend, eerder is het simpel gehouden. Een paar gemetselde schildwachthuisjes die allang niet meer
worden gebruikt, vormen een onderdeel van de toegangspoort. In feite dus zijn ze overbodig maar door de structuur van het gebied passen ze uitstekend
in het geheel. Direct na deze poort begint het landgoed Het oude Loo. Ter linkerzijde, na ongeveer 100 meter staan bij een paar bomen die in een halve
cirkel zijn opgesteld, bordjes. Als je er niet naar kijkt vallen deze niet op en loopt men daaraan zo voorbij. Toch hebben deze bordjes een betekenis. Zij
sieren namelijk de bomen die ooit door de drie Prinsen, Willem-Alexander, Constantijn en Friso zijn gepland toen deze voor het eerst kennis maakten met
het toenmalige eigendom van hun familie. In de loop van jaren aardig gegroeid is het toch een nostalgische gevoel daar te staan. Deze eiken met hun meer dan machtig fraai bladerdak, zullen aan degene die ooit het landgoed bezoeken het vehaal vertellen van het geslacht van Oranje Nassau dat hier in het
verre verleden ooit bivakkeerde. Maar laten we beginnen bij het hoe het allemaal tot stand kwam.


De rodondendrons in bloei. Het oude labirint en de Azalia's in een prachtige kleur.

Bij de vader van Prins Willem V, Prins Willem IV die maar korte tijd regeerde in de Republiek der Verenigde Nederlanden, heeft een zekere belangstelling
bestaan voor architectuur en tuinaanleg. De architect Pieter de Swart die hij aantrok, maakte een aantal ontwerpen voor o. m. Het Loo en het gebied
waarin het kasteel Het oude Loo ligt. Swart borduurde verder op ontwerpen die door Daniel Marot, jaren geleden, waren vervaardigd. Die lieten toen al
het labyrintisch karakter van de tuin zien naarmate het verder van het huis af lag. Bepaald geen nieuwe werkwijze daar Pieter de la Court van der Voort
dit al jaren eerder had getekend en uitgevoerd bij buitenplaatsen. Waarschijnlijk heeft het Petit Parc de Versailles met zijn 'Allee Royale' en flankerende
bosquettes met een diversiteit aan groenvullingen, hem tot inspirerend voorbeeld gediend.


Schitterende bosrand naast wandelpad en en stil-leven met beek a la van Gogh.

Het ontwerp van van paleistuin sloot in die tijd goed aan bij de Franse norm, hoe tuinen eruit moesten zien. Het Loo bijvoorbeeld behoefde voor Willem
V niet langer als Vorstentuin te fungeren, eerder dacht hij aan een Maison de Plaisance. Daar kon men verpozen en zich vermaken. Een rustige
buitenplaats waar geprivilegieerde gasten , ver van het publiek en het strijdtoneel, rust en ontspanning konden vinden. Om dit alles te realiseren bezocht
de Stadhouder en zijn gade vele buitenplaatsen in het land. Zelfs hun kinderen, de Prinsen Willem en Alexander als ook de dochter Prinses Caroline
werden aangestoken door dat virus. Ook Rousseau's boek Essai sur les Jardins werd door de Prins gelezen. Integenstelling tot de Franse tuinen van
het paleis deed de Engelse landschapsstijl zijn intrede op het slot Het oude Loo. In de eerste jaren van zijn bewind was het juist de nieuwe tuinstijl die hij
introduceerde en het eerst 'slachtoffer' was paleis Het Loo. Een deel van de tuin werd aangepast aan zijn wens over te gaan tot landschapstuin.


Langgerekte paden. Gevarieerde begroeiing en landschaps-stijl in extenso.

Spoedig gevolgd door andere buitenplaatsen van de Stadhouderlijke familie, als Soestdijk, Huis ten Bosch en het Oude Hof(Huis ten Bosch). Ook daar
werden in de jaren zeventig delen van de tuin veranderd in een landschapstuin. In Honselaersdijk legde de in Hedel geboren architect Philip Willem
Schonck
in 1778 zelfs een fraaie bloementuin aan. De belangrijkste veranderingen op Het Loo in de 18e eeuw werden ontworpen door Schonck. Dankzij
de Prins werd Schonck naar diverse Duitse Vorstenhoven gestuurd om kennis en ervaring op te doen. Daarbij kwam zeer goed van pas dat hij een
opleiding had gevolgd als landmeter. De Duitse tuinarchitect Johann Friedrich Sckell, in dienst bij de zwager van Willem V, de Vorst van Nassau-Weilburg,
leerde hem, in dit opzicht veel over tuinaanleg à la het landschapsmodel. In 1777 volgde dan zijn benoeming tot Stadhouderlijk Architect.


Prachtig aangelegde hagen en grasveld. Rustieke lanen en fraaie waterpartij.

Van de ontwerpen die Schonck heeft gemaakt voor Het Loo zijn er 3 bewaard gebleven. Deze hadden betrekking op een groot gedeelte van het terrein
achter het Loo(1773) en op de Boventuin, stammende uit 1778 en 1781. Van al zijn tekeningen voor tuinen, zeker die van Het Loo, was de grote
schetstekening uit 1773, datgene dat Schonk als landschapstuin daar voor ogen stond. Het is waarschijnlijk een van de indrukwekkendste en grootste
ontwerpen geweest die wij in ons land hebben gekend.

De architect greep bij dat ontwerp wel grondig en definitief in bij de tuin van het Paleis het Loo. vanuit het paleis bezien zou het gehele Noordelijke
gedeelte worden aangepast in landschapsstijl. Daarbij zouden de geometrische Boven- en Benedentuin verdwijnen. De Witte Beek zou worden
gerealiseerd als verbindende factor in het Noordoosten van het terrein, bij de Veldvijvers. Om vervolgens al slingerend via de Boventuin in de
richting van Het oude Loo te gaan. Tuintechniek ten top.


Een prachtige struik met rozerode Azalia's en een met gele Azalia's. Beiden in volle bloei.

Hij legde daar langgerekte paden aan met een licht gebogen verloop, die langs verschillende groepen van gevarieerde beplanting voerden. Deze opzet
werd gestructureerd door een zeer wijdvertakt padenpatroon. Het bijhorende plantenpatroon liet mogelijkheden tot het aanmaken van open ruimten.
In 1775 zocht Willem V, inmiddels wist ook hij meer van tuinen af, een nieuwe tuinbaas. Deze moest in staat zijn om een labyrintachtige Engelse aanleg
te formeren met cabinetten of rustplaatsen met daarin Chinese banken. Schonck adviseerde de Prins in het midden van de grasperken ' Bouquetten van
allerhande plant en zaaybloemen, waarvan de hoogst grojende in den midden geplaatst moeten worden'.

Het laatse ontwerp van hem dateert van 1781 maar toch bleef Schonck betrokken bij het ontwerpen van de tuinen. In 1786 leverde hij een ontwerp in
voor de Willemstempel, inhoudende een verregaande detaillering in gotische stijl. Samen met de tuiman van Lier verkreeg Schonck in 1779 de opdracht
tot wijziging. In 1791 zou een hofcommissie zich buigen over zijn idee tot vermindering van de aanlegkosten.


Kleur-rijk gezicht in de bloeitijd. Goed gemodelleerd en de juiste verhoudingen.

Schonk's werkzaamheden voor de Stadhouder beperkten zich niet tot ons land. Hij was ook betrokken bij de tuinaanleg van het Slot Oraniënstein in
Duitsland. Dat blijkt uit een ontwerp uit 1783 voor een aanbouw en tuinaanleg bij dit slot. Schonck stelde een landschapsstijl voor met een grillig
padenpatroon. Dit moest worden gerealiseerd op het hoefvormige voorterrein van het gebouw. Dat kennelijk deze plannen precies pasten in zijn wens zich
terug te trekken van de Duitse erflanden, was nog niet bekend. Hij nog ingrijpender plannen voor de verbouwing van Oraniënstein. Voordat dit een feit
werd, vertrok Prins Willem V op18 januari 1795 eerst naar Engeland voor een lange 'welverdiende' rust. De hierboven geschetste veranderingen in
tuinaanleg van verschillende stadhouderlijke tuinen, kan worden opgevat als een eerste aanzet tot vernieuwing. Dit vond plaats in een periode waarin de
landschapsstijl revolutionaire kwaliteiten had, waarbinnen de 18e eeuwer zijn plaats had verworven, die fundamenteel werden gewijzigd.


Fraaie rozerode Azalia en naast het pad tevens struiken met witte Azalia's.

De tuinen van Het oude Loo werden gelijktijdig met die van het Paleis Het Loo aangelegd en dragen tezamen inclusief alle grond die erbij hoort de naam
Kroondomein. Daarin ligt dus ook het kasteel Het oude Loo, een jachtslot waar in vroegere jaren, de jacht op wilde zwijnen werd bedreven. De paar hectare
grond die om het gebouw heen ligt vormen de tuin van het kasteel. Bij het vertellen van dit verhaal gaat het over de gebieden die in de directe omgeving
rondom het gebouw liggen. Zij vormen de tuin van het slot. Bij het beschrijven van deze tuin dient wel in overweging worden genomen dat men er niet aan
ontkomt de Paleistuin, het grotere geheel, ook ten dele wordt mee genomen. Immers, het is simpelweg een deel daarvan. Al wandelend langs de goed
gebaande en prima onderhouden paden, lijkt het wel of de tijd er stil heeft gestaan. Ter rechterzijde van het pad kabbelt rustig een watergeul waarin leven
duidelijk aanwezig is. Al slingerend door het landschap is zijn aanwezig domant te noemen.


Fraaie eiken. Alom aanwezig water en mooie wandelpade.

De bossages geven de indruk altijd aanwezig te zijn om hun pracht en praal en het spreng dat door het landgoed snijdt, gelijk een mes, zorgt ervoor dat er
voldoende water wordt aan gevoerd voor de slotgrand en de omliggende beplanting. Voornamelijk is Het oude Loo beplant met eiken die hoog boven de
omgeving uitsteken. Eerbiedwaardige bomen, die een heel verhaal kunnen vertellen over het begin toen de Koning, Willem I, hier stond op kale
onbewerkte grond waar slechts wat bomen en struikgewas stond. Sindsdien is er veel, heel veel veranderd. Tuinarchitect na tuinarchitect hebben hun
sporen onbetwist achtergelaten in het gebied. Soms waren die waardevol en ook niet. Die verschillende opvattingen en visies over hoe een landschapstuin
eruit behoorde te zien, hebben wel degelijk het werk gedaan. Niet altijd even respectvol voor de natuur. Ondanks dat en alsmede de soms wat onlogische
vreemd aandoende aanpassingen aan de gebouwen en het grondgebied, is het goed vertoeven in de tuinen van het kasteel Het oude Loo.