Kastelen, Residentie's, Bezittingen, Huizen en Verblijven

Slot Oraniënstein

Diez is een romantisch stad aan de rivier de Lahn. Al in de oorkonde van Keizer Karel de Grote werd de plaats - als een Frankische nederzetting - genoemd. Deze heette Theodissa . Rond het jaar 1073 werd melding gemaakt van de eerste Graaf Von Diez. Dat was Embricho I, Graaf van Diez. Deze bouwde op de porfierrots het huidige Grafelijke Slot dat schitterend uitsteekt met zijn trotse toren. Rond 1289 vestigde zich daarin Graaf Gerhard von Diez. Deze bouwde aan de voer van de rost een fraie Kapittelkerk. Dankzij de schoonheid van het gebouw trokken vele geestelijken naar Diez alsmede lage Edelen. In de loop van de tijd ontwikkelde zich een prachtige stad. In 1329 verleende Keizer Ludwig II zijn vazal Gottfried von Diez stadsrechten. Na het uitsterven van deze Grafelijke familie, kwam - door vererving - de stad Diez in handen van het geslachte Van Nassau.

Diez (Ned. Dietz)
Binnenstad

Het fraaie Klooster Arnstein met Kerk

Der Schulstrasse
Diez

In 1606 onstaat de tak Nassau-Dietz, die Stadhouders van Friesland en later van meerdere Gewesten waren in ons land. Na het verkrijgen van de titel Prins van Oranje, pasten nazaten de naam aan. Deze werd voortaan Oranje Nassau, dat later onder Koningin Wilhelmina Oranje-Nassau werd.In 1815 verkreeg dit geslacht het Koningsschap der Nederlanden. Diez bleef onderdeel van het Hertogdom Nassau en verviel later aan Pruissen. De vele bezitter en bezetters, hebben hun sporen achtergelaten in de stad. Daardoor vindt men overal de romantische gevels en hoekjes terug die eens waren gevormd door de eigenaren en de diverse bezetters.

Hedentendage ligt Diez aan de - in de zomer - rustig kabbelende Lahn. Starend over het voorvloeiende water, is men zich er niet van bewust dat een paar honderd meter verder de geschiedenis van Oranje en Nassau een fors gewicht in de schaal legt. Het Lahndal kenmerkt zich door vele bruggen die van een respectabele leeftijd zijn. De Alte Lahnbrucke is daar een saillant voorbeeld van. Voorts vormt de aanwezigheid van het Slot Oraniënstein en de Stiftskirche, tesamen met het Grafelijk Slot, stille juwelen van grote bouwkunst en vergane glorie.


Het fraaie Slot Oraniënstein van Vorstin Albertina en dochter Amalia

Fraai smeedwerk toegangshek Slot voorstellend Albertina en Amalia
Nadat de Vorstin weduwe was geworden liet zij dit barokslot bouwen, net even buiten de stad Diez. Evenals die van haar zusters in Oraniënbaum en Oraniënburg, moest ook haat Slot aan de voorvaderen herinneren. Daarom noemde zij het Oraniënstein. Met zeer veel plezier hebben de Van Nassau-Dietz hier gewoond. Zoals u weet overleed de Vorstin in Oranjewoud (Nederland) en werd Albertina Agnes, Prinses van Oranje in 1696 bijgezet in de Grafkelder in de Jacobijnerkerk te Leeuwarden. Daar werd haar gebeente - tijdens de Franse Revolutie die ook hier zijn sporen fors naliet - op een ergelijke manier misbruikt.

Na een korte wandeling, tesamen met de vrouwelijk gids die al 25 jaar dit werk doet, komt men terecht in het fraaie park dat voor het Slot ligt. Het zich voor het oog uitspreidende landschap is goed onderhouden en het gebouw staat er fris bij. Op het toegangshek staat, in dankbare herinnering en uit respect een tweetal A's. De ene in juiste positie en de andere op zijn kop. Dat roept herinneringen op aan vorige bewoners. Vorstin Albertina Agnes van Nassau-Dietz, Prinses van Oranje en haar schoondochter Vorstin Henriëtte Amalia, Prinses van Anhalt-Dessau, Prinses van Nassau-Dietz en ook Prinses van Oranje waren de laatste bewoners van dit fraai staaltje van bouwkunst.


De entree van het Slot

Een van de zeer fraaie zalen van het Slot
Prinses Henriëtte Amalia was getrouwd met de Friese Stadhouder Prins Hendrik Casimir II van Nassau-Dietz, later Vorst van Nassau-Dietz. Zij was moeder van een zoon en zeven dochters. De zoon heette Johan Willen Friso en verdronk bij de Moerdijk. Vijf dochters bleven ongehuwd en een verliet haar man, kort na het huwelijk. Het merkwaardige feit deed zich toen voor dat de dochter, via haar trouwen met een Hertog, in rang boven haar moeder (die toen nog geen Vorstin was) en haar zusters stond. Dat bracht een andere indeling van kamers te weeg in Oraniënstein. De Hertogin bewoonde de ene helft van het Slot en moeder tesamen met haar dochters de andere helft. De hierarchie diende wel gehandhaafd te blijven!


Plafondschildering buiten het slot


Wederom een juweel van een Plafondschildering

De lokale bevolking heeft veel aan Vorstin Albertina Agnes te danken. Zij was een vrouw die het hart op de juiste plaats droeg door haar onderdanen te helpen waar zij kon. Het was een slechte tijd en er woedde de Dertig Jarige Oorlog. De Prinses deed alles om de bevolking te helpen. De bevolking had zwaar te lijden onder deze langdurige strijd. Jaar in jaar uit, zware gevechten en de oplossing was bepaald niet nabij. Het duurde ruim 30 jaar voordat de vrede werd gesloten. Maar daaraan hadden de mensen geen boodschap. Zij kregen te maken met ontberingen die hun weerga niet kenden. Vele ziekten eisten honderduizenden doden en de situatie werd bijzonder nijpend.

Prachtige wand- en plafondschilderingen

 

Fraaie beschildering van muren

Plafonschildering Kapel Oranienstein Diez

Daarom besloot Albertina Agnes over te gaan tot actie. Zij stelde een districtarts aan en liet een apotheek openen. Tegen de verruwing van de zeden, ontstaan door vele jaren oorlogsgeweld, vaardigde zij strenge edicten uit. Zoals gebruikelijk in die tijd waren de straffen zwaar. Radbraken, ophanging en onthoofding waren zo gewoon geworden dat niemand daar meer van op keek als deze, veelvuldig, werden uitgevoerd. Integendeel, men had weer iets interessants te doen. De uitvoering van de Opera van Vader Dood stond, in die dagen, hoog op de agenda van het volks-vermaak. Bovendien, laten we eerlijk zijn, buiten het oorlog voeren, het hoeren en snoeren en kinderen maken, was er niet veel anders dan dit.

De waarlijk schitterende Kapel op de eerste verdieping

Het prachtig vervaardigde Bartok orgel uit 1732

Het kasteel werd in de jaren 1672-1684 gebouwd op initiatief van Albertine Agnes van Nassau, die in die tijd regentes was van haar minderjarige zoon Hendrik Casimir II gebouwd. Het werd neer gezet op de ruïnes van een Benedictijner klooster. Bij het kasteel liet zij een kapel bouwen, waarvan de muur- en plafondschilderingen van de hand van Jan van Dyck waren. Door Henriëtte Amalia van Anhalt-Dessau werd van 1704-1709 het kasteel omgebouwd zoals het nu te zien is. Voor de verbouwing in barokstijl werd een Franse architect, Daniël Marot, in de arm genomen. Na de verbouwing telde het kasteel in totaal 318 kamers.

Kunst uit lang vervlogen tijden

Klooster Fundamenten

Antieke boerenwagen

Prinses Amalia, zoals zij werd genoemd zette het werk - na de dood van haar schoonmoeder - voort. Met verve en gebruik makend van het aanwezig vakliedenschap, liet zij een oer Nederlandse gracht in het hartje van Diez aanleggen en liet de rivier de Aarbach hierdoor stromen. Een van de bruggen - de middelste - kreeg ter hare ere een sluitsteen met daarop de bekende dubbele A. Dit keer voor Amalie von Anhalt, haar geboortenaam. De uitbreiding van de stad met het zogenaamde 'Hollandische Viertel' is aan de ruimdenkendheid van beide vrouwen te danken. Vorstin Albertina verordonneerde in 1680 deze uitbreiding. Vanaf het jaar 1700 bouwden hier Lutherse vluchtelingen hier hun onderkomen's.

Na de Eerste Wereldoorlog, bij de bezetting van het Rijnland door de Fransen, werd het kasteel gebruikt door het Franse leger. Op aandrang van de Nederlandse regering werd het kasteel in 1929 teruggegeven aan Duitsland. Vanaf 1934 vestigde de NSDAP er een vormingsinstituut. Het in het kasteel aanwezige Nassau-museum werd in 1940 demonstratief verwijderd uit het gebouw. Na de Tweede Wereldoorlog, nadat het eerst weer in handen van Frankrijk was geweest, werd het kasteel gebruikt door het Duitse leger. Ook bevindt zich hier weer een Oranje-Nassau museum.

De tuinen zijn zeer bekend om hun schoonheid. Een van de bezienswaardigheden die de aankleding van dit stuk grond meer cachet geeft, is de ruim 200 jaren oude zogenaamde Tulpenboom (linksboven). In mei-juni geeft deze grote oranje Tulpvormige bloemen (rechtsboven). Bij het wandelen door het park heeft men bij de Punta (de uitbouw) een prachtig uitzicht over het Lahndal (Middenonder).

Linkerzijde Baroktuin

Uitzicht vanaf Baroktuin

Rechterzijde baroktuin

De fraai aangelegde tuinen rondom het kasteel waren een initiatief van Prins Willem V, die daar als banneling woonde van 1801-1806. Toen Prins Willem VI, de latere koning Willem I, weigerde toe te treden tot de Rijnbond, werd het kasteel door Napoleon Bonaparte in beslag genomen en de inboedel per opbod verkocht. Na het Congres van Wenen kwam het kasteel in handen van Pruisen. Toen de Pruisische regering er in 1866 een psychiatrische inrichting in wilde herbergen, stuitte dit op verzet van het Nederlands Koningshuis, waarna besloten werd er een school voor cadetten van te maken.

Het Slot Oraniënstein ligt aan de buitenkant van Diez en is niet vrij toegankelijk. Je kunt er wel een bezoek brengen maar het landgoed ligt op een kazerneterrein. Deze herbergt de Medische Dienst van de Bundeswehr, het Duitse Leger. Is dus eigendom van en in onderhoud bij het Duitse Leger. Kostenplaatje betreffende het onderhoud is in deze keurig opgelost. Om binnen te komen wordt je opgehaald en weer teruggebracht. Netjes hoor!