OranjelogoDe Huizen van Oranje en NassauNassau
Inhuldiging Koning Willem II
Vlag BelgieVlag NederlandGouden KroonVlag LuxemburgVlag Duitsland

Koningen van Oranje en Nassau

Koning Willem II der Nederlanden

Willem II Frederik George Lodewijk, Koning der Nederlanden (1840-1849), Prins van Oranje Nassau, Groothertog van Luxemburg
(1840-1849), Hertog van Limburg (1840-1849), Brits Veldmaarschalk (1845), Jur. Doctor Oxford (1811), Ridder Gulden Vlies (Sp. 1814) ,
was de zoon van Willem I, Koning der Nederlanden, Groothertog van Luxemburg en Prins van Oranje-Nassau (* 24-08-1772 -
+ 12-12-1843) en Prinses Henriette d'Oultremont-Wegimont (* 01-10-1791 - + 16-02-1848), nicht van Wilhelmina van Pruisen, werd
geboren in Den Haag op 06-12-1792 en overleed te Tilburg op 17-03-1849. De Koning huwde op 21-02-1816 met Anna Paulowna,
Grootvorstin van Rusland
. De Grootvorstin was de dochter van Paul I Petrowitz, Keizer aller Ruslanden en Prinses Sophia Dorothea
Louise (Maria Feodorowna)van Wurtemberg.
Grootvorstin Anna Paulowna kwam ter wereld op 18-01-1795 en stierf op 01-03-1865.



Koning Willem II en Koningin Anna Paulowna der Nederlanden

Het Sinterklaas presentje, zo werd de baby begroet door zijn ouders die dol gelukkig met hun kind waren. Beter konden zij het niet treffen. Maar zijn
jeugd was van een ander kaliber. De Prins kwam ter wereld midden in een politieke crisis. Hij is nauwelijks twee jaar oude, als het revolutionaire
Frankrijk
het Stadhouderschap van zijn grootvader in januari 1795, ten val bracht. Bij de Franse inval (1795) in ons land en het uitroepen van
de Bataafse Republiek, zag de Koninklijke familie zich genoodzaakt het land te verlaten. Gedurende de volgende 18 jaar leefden zij in ballingschap
in Engeland.Zijn vader, de Erfprins van Oranje, vertrok met gezwinde spoed met gezin en al richting Engeland voor een lange, lange vakantie op
Brits grondgebied. Toch wenden zij daar niet echt en gingen in de richting van Pruisen.

In Berlijn groeide Guillot (Frans voor Willem) in ballingschap op tot een Duits Prins. Veel ging hij om met zijn twee Hohenzollern neven, die later Koningen
van Pruisen
zouden worden. Vanaf 1805 trad als zijn begeleider op de militair Jean Victor, Baron de Constant Rebecque. Na twee studie aan de
Militaire Academie in Berlijn, werd Guillot -wiens persoonlijke ontwikkeling zijn vader niet voldoende en te eenzijdig vond, gestuurd naar de
Engelse Universiteit Oxford
. In de jaren 1808-1811 krijgt de jeugdige Prins een soort huisonderwijs in algemene zaken, zonder ooit een examen
daarvoor te doen. Daarna ging Willem II Rechten studeren aan dezelfde Universiteit, hetgeen hem de graad van Juridisch Doctor (Burgelijk Recht)
opleverde. Voorwaar, niet onaardig voor iemand die geen studiehoofd had.

In 1811 nam de Prins dienst in het Engelse leger waar hij als aide-de-camp van Generaal Wellesley, de latere Hertog van Wellington, deelnam aan
de oorlogen tegen Keizer Napoleon van Frankrijk. Dat deed hij wat te onstuimig, hetgeen door de opmerkingen van zijn mentor, Baron de
Constant Rebecque, werden verduidelijkt. 'De Prins geniet van al die lofuitingen en de populariteit die daaruit voortvloeit, laat hij zich graag
aanleunen. Dat lijkt mij niet juist. Ik ben van mening dat het verblijf in het leger nu niet bepaald goed voor de Prins is. Er zijn teveel slechte
voorbeelden die een desastreuze invloed kunnen hebben op het karakter van onze Kroonprins'.

In het jaar 1813, zette Willem II in Londen de bloemetjes aardig buiten. Daaraan hield hij de bijnamen 'Slender Billy' en 'The Dutch Apollo' aan over.
Hij verloofde zich, in een gekke en overmoedige bui, met de Engelse Prinses en vermoedelijke troonopvolgster Charlotte. Gelukkig ging dat huwelijk,
om diverse redenen niet door. Prinses Charlotte vertikte het eenvoudigweg om in Nederland te gaan wonen. Dat zag zij helemaal niet zitten. Willem kon
kiezen of delen. Nou, het werd kiezen, zonder de troonopvolgster. In 1815 raakte de roekeloze Troonopvolger gewond tijdens een veldslag bij Waterloo.
De Prins voerde in 1815 de Belgische en Nederlandse troepen aan in de beroemde Slag van Waterloo. Dat deed hij zo 'goed' dat de Prins spottend
de 'Held van Waterloo' werd genoemd. Ondanks het feit dat de Kroonprins geen 'held der natie' was geworden, had hij wel degelijk andere
eigenschappen die hem op de voorgrond drongen.


Koningv.l.n.r.: Kroonprins Willem Alexander Paul Frederik, Prins Willem Alexander Frederik Constantijn, Koning Willem III,
Koningin Anna Pauwlowna, Prinses Wilhelmina Maria Sophie Lousie en Prins Willem Frederik Hendrik.

Als blijk van dankbaarheid -hoe kwamen zij erbij - boden de Staten-Generaal de 'held' het domein Soestdijk aan. Verstandig is anders wat, omdat de Prins
zich liet bejubelen - door het gewone volk - als Redder der natie. Daarmee nam zijn eerzucht aardig toe. Het leek op onverstandig handelen van de kant
der politici maar dat zijn we, ook nu nog, wel gewend. Na deze strijd werd zijn vader Willem I, uitgeroepen tot Koning van Nederland en Belgie.
Na de Hereniging van de Nederlanden werd hij o. m. Minister van Oorlog in dienst van zijn vader. Prins Willem verbleef meestal in de Zuidelijke
Nederlanden (Belgie)
en wel in Brussel. Dat was niet zo moelijk daar de Regering een beurtrol had opgesteld.

Het ene deel van het jaar in Den Haag en het andere deel in Brussel. In 1816 kwam de Prins in contact met Franse Revolutionairen die in Frankrijk het geslacht De Bourbon wilden afzetten, een Burgelijk Bestuur wensten te vormen en de Zuidelijke Nederlanden bij hun land wilden voegen. Kroonprins
Willem
werd de kandidaat van deze mensen om de Franse Koning Lodewijk XVIII op te volgen. De zwager, Tsaar Alexander I, van de Prins kwam
echter via zijn zuster dat plan te weten en lichtte vervolgens Papa in. Die was razend en sinds die tijd leefden vader en zoon in onmin. Zijn vriendschap
met de Russische Tsaar Alxeander de Grote leidde ertoe, dat de Kroonprins kennis maakte met de zuster van de Russische Heerser aller Russen.
In 1816 rouwde Prins Willem II met de Grootvorstin Anna Pawlowna van Rusland.

Uit dit huwelijk werden de volgende kinderen geboren:

  1. Willem III Alexander Paul Frederik Lodewijk, (* 19-02-1817 - + 23-11-1890)
  2. Willem Alexander Frederik Constantijn Nikolaas Michiel, (* 02-08-1818 - + 20-02-1848)
  3. Willem Frederik Hendrik, Stadhouder van Luxemburg, (1850) (* 13-06-1820 - + 13-01-1879) trouwde 1e op 19-05-1853 met Amalia Maria da Gloria Augusta, Prinses van Saksen Weimar Eisenach, (* 20-05-1830 - + 01-05-1872), dochter van Karel Bernhard van Saksen Weimar Eisenach en Ida van Saksen Meiningen en huwde 2e op 24-08-1878 met Maria Elisabeth Louise Frederika van Pruisen (* 14-09-1855 - + 20-06-1888), dochter van Frederik Karel Nicolaas van Pruisen en Maria Anna van Anhalt.
  4. Willem Alexander Frederik Ernst Casimir, (* 21-05-1822 - + 22-10-1822)
  5. Wilhelmine Maria Sophie Louise, (* 08-04-1824 - + 23-03-1897) trouwde op 08-10-1842 met Karel Alexander August Johan, Groothertog van Saksen-Weimar-Eisenach, kolonel-Generaal der Cavalerie met de rang van Veldmaarschalk-Generaal in Pruisische dienst, Generaal in Saksiche en Russische dienst. Phil.doctor h. c.(1853, Rector van de Universiteit van Jena(1853), (* 24-06-1818 - + 05-01-1901), zoon van Karel Frederik, Groothertog van Saksen-Weimar-Eisenach en Maria Paulowna, Grootvorstin van Rusland.

Daarnaast verwekte Willem II bij buitenechtelijke relatie's ook kinderen. Algemeen werd aangenomen dat Willem en Marianne der Nederlanden en
Wilhelmus van Dijck
daartoe behoren. Voorts zouden er nog drie zoons en een dochter waarschijnlijk door hem zijn verwekt.
Des te opmerkelijker zijn dan de homoseksuele relatie's die Willem II als Kroonprins en als Koning had met een aantal jonge mannen. Men kon
hem biseksuele geaardheid toemeten. Edoch, in 1830 ontdekte, de Franse Regering weer een complot tegen de Franse Koning waar
Willem II
een rol in speelde. Met forse heksetoeren werd erger voorkomen. In 1830 viel het huis De Bourbon.


Gotische Zaal tuin Paleis op den Kneuterdijk

Een reeks van gebeurtenissen, zorgde ervoor, dat de Prins probeerde op 16 oktober 1830 de onafhankelijkheid van Belgie uit te roepen.
De Tiendaagse Veldtocht die volgde, had als resultaat een wapenstilstand en daardoor kwam het Koninkrijk Belgie in 1839 tot stand.
Op 7 oktober 1840 besteeg de Prins de troon als Koning Willem II en op 28 november van datzelfde jaar ingehuldigd als Koning der Nederlanden.
Deze Vorst betaalde jaarlijks miljoenen aan zwijggeld om ook zijn handel en wandel te verdonkermanen. De belangrijkste gebeurtenis uit zijn korte
regeringsperiode was de invoering van een nieuwe Liberale Grondwet die in 1848 tot stand kwam. De Koning hield meer van bouwen. Hij liet een
groot neogotisch gebouwencomplex achter zijn Paleis aan de Kneuterdijk in 's Gravenhage neer zetten.

Het Kasteel Vaeshartelt in Limburg werd echter nooit voltooid en van het nieuwe Paleis in Tilburg werd uitsluitend de basis gebouwd. Dat doet thans
dienst als Gemeentehuis. Daar de voorkeur van de Koning meer uitging naar Neo-Gotiek, woonde hij op het nabijgelegen Jachtslot'Het Oude Loo'
en niet op Paleis Het Loo. Voor de jacht - waar hij een liefhebber van was- kwam dat ook goed uit. Het 'Oude Loo' ligt middenin de bossen van
Apeldoorn.Koning Willem II regeerde maar korte tijd als Vorst. Na het overlijden van zijn lievelingszoon Alexander ging zijn gezondheid snel
achteruit. De problemen met zijn oudste zoon, toekomstige Koning Willem III, gingen het niet in zijn koude kleren zitten.

In 1849 sprak de Vorst voor het eerst de nieuwe Tweede Kamer toe. Met de tot stand gekomen Grondwetwijziging was de Koning het niet mee eens
en dat maakte hij erg duidelijk. Opmerkelijk was dat hij er slecht uitzag en zwak van stem. Begin maart trok Willem II zich voor korte tijd terug in zijn
geliefde Tilburg. Op 13 maart nam hij afscheid van zijn vrouw en reed naar Rotterdam om - zijn in aanbouwde zijnde - stoomjacht te bezichtigen.
Bij het aflopen van de trap, raakte hij met zijn laars verward in zijn lange mantel en viel zes treden omlaag. Direct daarna stond de Vorst weer op en reageerde geruststellend. De Koning had een ieder op het verkeerde been gezet en klap was harder aan gekomen dan was verwacht.


(l) Inhuldiging Kooning Willem II 28-11-1840 Nieuwe Kerk te Amsterdam , (m) Sterfbed van de Vorst, Tilburg 17-03-1849 en (r) Begrafenis Willem II 4 april 1849 in de Grote Kerk te Delft

Terug in Tilburg werden de gezondheidsproblemen van Willem II erger. Hij was niet meer in staat om stukken te kunnen bestuderen. Op 16 maart kwam
zoon Hendrik op bezoek en de Koning knapte daarvan even op. Toen Koningin Anna Paulowna arriveerde, werd zij niet meer toegelaten tot de Koning.
Willem overleed en werd niet gebalsemd en daarom in een zinken kist gelegd, voorzien van een glazen plaat. Op 4 april 1849 werd het stoffelijk
oververschot van Koning Willem II bijgezet in het familiegraf van de Oranjes in Delft. Een veelbewogen leven was ten einde gekomen.

Anna Paulowna werd geboren in St. Petersburg op 18 januari 1795 als dochter van Tsaar Paul I Petrowitsj, Keizer aller Ruslanden en
Sophia Dorethea Augusta Louisa
(In Rusland beter bekend als Tsarina Maria Feodorovna), Hertogin van Wurtemberg. Toen zij zes jaar oud
was werd haar vader vermoord en opgevolgd door Alexander Romanov. Als toekomstige vrouw was deze dochter redelijk gewild bij hoge Adellijke familie's. Zelfs Keizer Napoleon Bonaparte hand haar haar hand gedongen. Toen Anna 14 jaar oud was, kwam deze Keizer aller Fransen om haar hand vragen, maar kreeg Anna's hand niet. In 1814 was er nog een plan geweest om de Grootvorstin uit te huwelijken aan de Franse Prins Karel, zoon
van de latere Koning Karel X.

Doordat het zeer wenselijk was dat de jonge vrouw zich direct na het huwelijk moest bekeren tot het katholieke geloof ging de pret niet door. Koppig als
zij was, weigerde Anna resoluut om hieraan mee te werken. Toen bekend werd dat de verloving van de Nederlandse Kroonpretendent Willem II Prins
van Oranje met de Engelse Prinses Charlotte was afgeblazen, kwamden de 'raderen der Voorzienigheid' in werking. Nou ja, raderen? De vriend van
Prins Willem II, Tsaar Alexander kreeg een lumineus idee. Waarom niet zijn zuster laten trouwen met zijn vriend. Had je twee vliegen in een klap.

Vriendschap die lang duurde en je hielp je zus aan een man van zeer edele en adellijke afkomst. Fluks ging de uitnodiging voor een bijeenkomst met
vriendlief de deur uit. Na een maand van reizen (met ontberingen) arriveerde Prins Willem II van Oranje op 20 december 1815 in het Russische St. Petersburg tesamen met zijn vader, de Koning der Nederlanden, Willem I van Oranje-Nassau. Aldaar kwam een huwelijksaanzoek van de zijde
van de Nederlandse Prins snel tot stand. Nadat de onderhandelingen - ook op het gebied van geloofsovertuiging (Anna was Russische-Orthodox) -
waren afgerond, kon er een datum worden geprikt om de trouwen.


Hare Keizerelijk en Koninklijke Hoogheid, Grootvorstin aller Russen Anna Pawlowna, Koningin der Nederlanden


De vrouw van Willem II nam een zeer rijke bruidsschat mee naar de Lage Landen. Die bestond uitduizenden karaats aan diamanten met een niet te
schatten waarde aan geld. Voorts tientallen jurken van de duurste stof en schilderijen van bekende Russische kunstenaars, Anna was enerzijds een wat
l abiele vrouw, erg verwend en kon zich daardoor moelijk aanpassen aan de levensstijl en gewoontes in de Nederlanden. Anderzijds was de Grootvorstin
tuk op weelde, vorstelijke weelde en de daarbij behoren overdaad wel te verstaan.

In de zomer vertrok het paar naar Berlijn. Daar was een eerste ontmoeting gepland met schoonmoeder Wilhelmina. Dat liep niet bepaald naar wens.
De dames mochten elkaar niet en men kon er stond op maken dat het in de toekomst tot problemen zou leiden. Beter was het, ver weg van elkaar te
blijven opdat een vervelende confrontatie niet nodig zou zijn. Via een reis langs Nassau kon Anna op 22 augustus 1816 - voor het eerst - voet op Nederlandse bodem zetten. Die ervaring kenmerkte zich door een cultuurschok.

De Hollanders gingen totaal anders met hun Kroonprins om dan zij gewend was aan het Russische Hof. De afstand tussen Willem II en het volk was velen malen kleiner dan de Grootvorstin gewend was in Rusland. Dat was slikken en even wennen. Maar Willem's vrouw leerde snel en het duurde niet lang
of zij had zich aangepast aan de Hollandse normen in omgang met mensen, oftewel het gewone volk. Toch kon zij het niet nalaten soms echt Russische trekjes te vertonen. Bij de troonsafstand van haar schoonvader Willem I, doste zij zich allerpotsierlijkst uit om maar aan te geven dat zij, de Grootvorstin
en toekomstig Koningin der Nederlanden, ver uit stak boven een Graaf van Nassau.

Het werd nog erger toen haar man Koning der Nederlanden werd. In haar hoedanigheid als Koningin der Nederlanden, meende zij zich hoog verheven te voeren boven al dat gewone volk. Anna, was dol op etiquette en bleef bij een botsing tussen degene die dat aan zijn laars lapte, getraind rustig. Door haar tijdgenoten werd de Koningin der Nederlanden omschreven als niet knap, zeer majesteitelijk, zeer beschaafde stem en aangenaam in de omgang, een bleek gezicht met ogen vol expressie en veel uitdrukking. Aan het Hof merkte men de aanwezigheid van de Majesteit goed op.
Zo stond dat hof wel bekend tijdens de regering van Koning Willem II om zijn pracht en praal.

Uit dit huwelijk werden de volgende kinderen geboren:

 
  1. Koning Willem III (* 1817 - + 1890)
  2. Prins Alexander (* 1818 - + 1848)
  3. Prins Hendrik de Zeevaarder (* 1820 - + 1879)
  4. Prins Ernst Casimir (* 1822 - )
  5. Prinses Sophie (* 1824 - + 1897)
 

Prins Willem Alexander Frederik Nicolaas Maurits Michel van Oranje-Nassau (1818-1848). Geboren op 2 augustus 1818 te Soestdijk en
overleden op 20 februari 1848 te Madeira. Hij werd op 21 April bijgezet in het familiegraf te Delft. De Prins met vier Romanov namen werd in het
dagelijks leven Alexander genoemd, Sasja op zijn Russisch naar zijn Peetoom Tsaar Alexander I. Op zijn tiende kreeg Prins Alexander zijn eerste paard
van zijn vader, sindsdien was alles wat met paarden te maken had zijn hobby. Op paleis het Loo had Prins Alexander een renstal waar hij zich bezig hield
met het fokken van (Friese) paarden. In 1830 kwam hij met de hofkoets, van Leiden naar 's Gravenhage, in zwaar weer terecht. In het Haagse Bos was
de weg versperd door omgewaaide bomen, Prins Alexander wou te voet verder gaan en raakte bewusteloos toen er takken op hem terechtkwamen.

Hij moest bewusteloos worden afgevoerd naar Huis ten Bosch. Op 3 december 1835 ging Alexander studeren aan de Universiteit te Leiden. Hierna
verkoos hij de Marine die hij later verruilde tegen de Cavalerie. In 1840 benoemde Koning Willem II hem tot Luitenant-Inspecteur-Generaal der
Cavalerie. In 1836 reisde de Prins met zijn broer en vader naar Engeland waardoor het gerucht ging dat hij Prinses Victoria zou huwen. Deze trouwde
echter Albert van Saksen-Coburg. In 1839 verbleef Prins Alexander 2 maanden aan het Russische hof om de mentaliteit van de Russen te leren kennen.
Een paar jaren later, in 1846, reisde hij met zijn moeder naar Italië.

Hetzelfde jaar trad hij op als voorzitter van de Royal Loo Hawking Club en organiseerde jachtpartijen. In 1845 kocht Prins Alexander van Graaf Johannes van den Bosch het in 1838 gebouwde landhuis Boschlust in 's Gravenhage.

In 1840 openbaarde zich een longaandoening bij de Prins en sukkelde met zijn gezondheid. In 1847 vaart hij met zijn broer naar Madeira om daar in een mild klimaat verpleegd te worden. Hij betrekt een villa bij de hoofdstad Fuchal. De nog geen 30 jarige 'Gouden Prins' overleed op 20 februari 1848 aldaar.

De dood van haar zoon Alexander in 1848 trof de gehele familie zeer diep en Anna in het bijzonder. In 1849 kwam er nog een klap. Anna verloor in de nacht van 17 maart 1849 haar man die overleed door een hartstilstand.

Urenlang lag zij voor zijn opgebaarde lichaam geknield, treurend om het verlies van hem waarvan zij erg veel had gehouden.

Prins Alexander (*1818- + 1849)

Nadat de Koning was bijgezet in de Koninklijke Crypte in de Nieuwe Kerk te Delft, brak voor haar als Koningin-Moeder een nieuw tijdperk aan en een nieuw leven, zonder haar geliefde Gemaal

. In tegenstelling tot wat werd gedacht, trok de Koningin-Moeder zich uit het openbare leven terug.
Na de dood van Willem II werd zij erg eenzaam. De mensen van wie zij ooit bij leven had gehouden, waren niet meer - Willem II en haar zoon Alexander .

De relatie met haar schoondochter en opvolgster Sophie was ronduit slecht te noemen. Dat had een oorzaak. Toen er huwelijksplannen werden gemaakt tussen Willem III en nichtje, was zij er faliekant tegen. Anna vond dat inteelt maar vreemd genoeg was een huwelijk tussen haar dochter Sophie met Karl von Saksen-Weimar geen probleem (nicht en neef!).

In haar latere leven kreeg Anna Paulowna te maken met veel financiële problemen.
Deze waren voornamelijk veroorzaakt door haar echtgenoot die bij zijn dood een schuld had van maar liefst 4 miljoen gulden (een voor die tijd een
enorm bedrag!!!
). Waar zij niet bij stil stond wa dat beide echtelieden hieraan debet waren. Willem II liet voor zijn geliefde in Arnhem de villa
Beaulieu bouwen als buitenverblijf dat een godsvermogen had gekost, om er zeven dagen in te wonen. Ook liet de Koning enorme gokschulden na
maar dat kon de Grootvorstin met de riante toelage die zij nog steeds van haar broer de Tsaar van alle Ruslanden kreeg, voor een groot deel betalen.
Echter niet alles kon worden betaald en dat hield in dat de Grootvorstin veel diende te verkopen. Zij kreeg haar broer zo gek, dat hij een groot aantal
schilderijen uit de bezittingen van Koning Willem II, aankocht. Tsaar Alexander zocht de beste daarvan uit en verscheepte deze naar St. Petersburg.
Daar is nog steeds een grote collectie beroemde Hollandse Meesters, Rembrant, van Gogh en nog veel meer, te bezichtigen.

Op 4 september 1818 kocht Koning Willem I voor het bedrag van f.6.000,00 het Tsaar Peter huisje aan de krimp bij Zaandam. In dit huisje bracht
Tsaar Peter de Grote van Rusland acht dagen door als scheepstimmerman. Die dagen hadden op hem een onuitwisbare indruk achtergelaten.
Nog hedentendage vinden vele Russische toeristen hun weg naar de Krimp om dat huisje te bekijken. Drie weken na de aankoop, schonk de Koning het
aan Anna Paulowna, zijn schoondochter met als aanleiding de geboorte van hun tweede kind, Prins Alexander op 22 augustus 1818. In 1838
bracht de Russische Troonpretedent Grootvorst Alexander (de latere Tsaar Alexander II) met Anna een bezoek aan het Tsaar Peter huisje.

Een marmeren gedenkplaat daar aangebracht herinnert daaraan. Aan de Grootvorstin is ook de danken dat wij de Anna Paulownapolder in
Noord-Holland hebben. Zij gaf haar naam aan deze polder die tijdens het bewind van Koning Willem II (1845 - 1846) werd ingedijkt, bemalen en
drooggelegd. Hare Keizerlijke- en Koninklijke Hoogheid Grootvorstin aller Russen en Koningin der Nederlanden Anna Paulowna, stierf op 1 maart
1865
aan een borstkwaal (vermoedelijk borstkanker). Op 17 maart van datzelfde jaar werd haar lichaam bijgezet in de Koninklijke Grafkelder
in de Nieuwe Kerk te Delft. De gehouden rouwdienst werd strikt uitgevoerd volgens de Russisch-Orthodoxe wijze, waarbij absolutie wordt verleend
bij een geopende kist. De bijzetting zelf was protestants.


(l) Tsaar Peter Huisje, (m) AnnaPauwlowna Polder en (r) Tsjaar Peter Huisje nu

Het Tsaar Peterhuisje is het oudste houten huis van de Zaanstreek. Wat het echter bijzonder maakt, is het feit dat tsaar Peter de Grote hier in de
zomer van 1697 enige tijd verbleef tijdens zijn Grote Ambassade. Om het huisje tegen de elementen te beschermen, is er een stenen omhulsel omheen
gebouwd. Het huisje staat voor het bezoek van Peter de Grote aan Nederland. In Moskou had de tsaar, zwervende door de Duits-Nederlandse wijk, de
Zaankanter Gerrit Kist ontmoet. Bij zijn tocht naar Europa deed hij tevens de Zaanstreek aan, waar hij een week, van 18 augustus tot 25 augustus 1697,
bij Gerrit Kist logeerde. Peter de Grote wilde van de Nederlandse scheepsbouw en industrie leren, om deze kennis te gebruiken om zijn land een
Westerse grootmacht te maken. Nederland, een van de meest ontwikkelde landen ter wereld, speelde daarom een belangrijke rol.

Erg lang bleef Peter de Grote niet. Al snel had men door wie hij in werkelijkheid was (hij was erg lang en had een opvallende wrat in zijn gezicht, bovendien
werd er geroddeld), en ging na een week terug naar Amsterdam. Later kwam Peter de Grote terug, waar hij een boze Gerrit Kist aantrof: Peter de Grote
had namelijk zijn huur niet betaald. De huurschuld werd direct voldaan. Tijdens zijn verblijf in Nederland bezocht Peter de Grote ook een autopsie van
Herman Boerhaave, waarbij hij zelfs niet aarzelde de gezichten van zijn walgende edelen in de koude ingewanden van het lijk te drukken. Dezelfde edelen
wekten in Nederland en Engeland ook ergernis op, omdat ze voortdurend tafelzilver stalen. De tsaar liet hun zakken dichtnaaien. Een andere
onhebbelijkheid van de edelen was hun voortdurende gespuw op de grond. Of die grond bestond uit aarde of uit een Perzisch tapijt deed niet ter zake.

Vele Russische en Nederlandse gasten, waaronder Gorbatsjov en Vladimir Poetin, hebben sindsdien het huis bezocht. Het huis bevat o. a. een
dodenmasker van de tsaar, een buste van Koningin Anna Paulowna, en attributen die aan de Zaanse scheepsbouw herinneren. Er is zelfs een brief uit
1897 van een overijverige ambtenaar aan tsaar Alexander III van Rusland met de mededeling dat de Romanovs nog 5 cent grondbelasting verschuldigd
zijn. Het huisje is op bijna alle dagen, behalve maandag, te bezoeken.

<