OranjelogoDe Huizen van Oranje en NassauNassau
Dillenburg (D)
Vlag BelgieVlag NederlandGouden KroonVlag LuxemburgVlag Duitsland

Prinsen van Oranje en Nassau

Prins Willem IV van Oranje

Prins Willem Karel Hendrik Friso, Prins van Oranje (de latere Stadhouder Willem IV) werd geboren op 01-09-1711 te Leeuwarden.
Hij is de zoon van Prins Johan Willem Friso van Oranje-Nassau (1687-1711) en Maria Louise van Hessen-Kassel. Willem IV trad in het huwelijk op
25 maart 1734 te Londen met Princess Royal Anna van Hannover. Prins Willem IV overleed op 02-10-1751 te 's Gravenhage.
Zij kregen vijf kinderen, waaronder 4 meisjes (2 doodgeboren) en een zoon, Willen V, Batavus.

Prins Willem IV van Oranje

De vader van Willem IV stierf (14 juli 1711 te Moerdijk) doordat de veerpont, die de Stadhouder en zijn gevolg naar de overkant bracht, tijdens zwaar weer omsloeg. Alle opvarenden verdronken. Hierdoor erfde Prins Willem IV het Stadhouderschap van Friesland en het Duitse Nassau bezit. Papa had een uiterst ruime levensstijl en liet daardoor aan zoonlief een schuld na van maar liefst
f. 1.847.340,-. toen hij overleed.

Net als zijn vader's levensweg, waren de aanspraken op de erfenis van Prins Willem III zeer onzeker. Prins Willem IV kreeg al op zeer jeugdige leeftijd een ongeluk. Toen de 5-jarige Prins Willem IV ongelukkig viel, hield hij hieraan een bochel over. In 1718 werd de Prins-Stadhouder van Groningen en in 1720 van Drenthe en Gelderland maar zijn moeder voerde het regentschap tot 1731.

Overigens was de Prins de eerste Oranje-Nassau die Stadhouder werd van alle Gewesten. Bovendien werd die functie in zijn regeerperiode officieel gemaakt. In 1713 kwam er eindelijk een einde aan de Spaanse Successieoorlog.

Prinses Anna van Hannover

Deze strijd had de republiek niet alleen duizenden mensenlevens gekocht en het verdriet dat daarmee gepaard ging bij de desbetreffende gezinnen
maar ook handenvol geld. Bij de Vrede van Utrecht kreeg Oostenrijk de Zuidelijke Nederlanden toegewezen als schadevergoeding. De Fransen,
daarentegen, worden gedwongen gas terug te nemen met hun veroveringszucht maar werden tevens verplicht het Kapersnest in Duinkerken op te
ruimen. Dat het de jaren erna redelijk rustig bleef, was te danken aan de buffer die Keizer Karel VI van Oostenrijk eigenlijk was tussen die verrekte
Fransen en de Republiek der Nederlanden. Helaas duurde dat niet zo lang als was gewenst en deze Vorst overleed in 1740 en dat was weer de
aanzet voor een nieuwe oorlog.

Deze werd niet hier uitgevochten maar gemakshalve in de Koloniën een daardoor kwam de handel in een diep dal terecht. Prins Willem IV studeerde in
1726 te Franeker en in 1728 te Utrecht. Hij volgde colleges in onder andere talen, economie, en rechten. De Prins was een hoffelijke belangstellende
jonge man, die zeer gemakkelijk contacten maakte. Een langlopende succesie kwestie tussen Prins Willem IV en Koning Willem I van Pruisen werd in
1732 opgelost met het Traktaat van Partage. De Nassau's deden afstand van hun souvereine rechten op het Prinsendom Orange in Frankrijk ten
behoeve van de Koning van Frankrijk. De Pruisische Koning had dit reeds in 1713 gedaan.

Beide Vorsten behielden het recht de titel Prins van Oranje te dragen. Daardoor voeren thans zowel Prins Willem-Alexander (1967) als de chef van het Huis Hohenzollern deze titel. In 1734 trouwde Prins Willem IV met de dochter van de Engelse Koning. De Regenten waren hier niet blij mee vanwege de Engelse steun aan de Oranjes in hun streven naar het Stadhouderschap.

Daar vrijwel alle takken van de Ottoonse Linie van de Nassau's kort achter elkaar uitstierven, kon Prins Willem IV zijn Duitse bezittingen flink uitbreiden. Hij werd een niet-onbelangrijk Duitse Rijksvorst. Doordat hem de traditionele Oranjefuncties niet werden toegewezen, overwoog Prins Willem IV in Duitsland
te gaan wonen.

Maar de eerlijk gebiedt te zeggen dat hij het goed heeft gedaan, want de 'macht' die hij later kreeg werd uiterst doeltreffend - onder Willem V - gebruikt. In 1746 trokken de Fransen wederom ten strijde tegen de Republiek. Dat ging goed en zij veroverden Vlaanderen en rukten gemakshalve verder op
richting Brabant.

Prins Willem IV van Oranje

Dat was iets dat de Prins niet leuk vond en Willem IV moest lijdelijk toezien hoe ook Maastricht en Breda door hen onder de voet wordt gelopen. In 1747 waren de Staten van de Republiek der Nederlanden ten einde raad als er vanuit het Vlaamse land grote stromen vluchtelingen naar de Gewesten Zeeland en Holland komen. De gruwelijke verhalen die deze mensen mee brachten over martelingen, spraken voor zich en
joeg de bevolking angst aan.

Het land was in rep en roer.In Zierikzee stelden Predikanten, om het gepeupel gerust te stellen, nieuwe Regenten aan. Dit was de start van een nieuw begin en de Zeeuwse Staten stelden op 28-04-1747 Prins Willem IV van Oranje-Nassau aan als Stadhouder van Zeeland. De Fransen trekken zich daar weinig van aan en nemen Ieper, Namen, Sluis en Hulst in, zonder slag of stoot.

Het bericht over die nederlaag dat snel de ronde doet, wakkerde de volkswoede flink aan. Tijdens de Oostenrijkse Successie Oorlog (1740-1748) vielen in 1740 Staatsgezinden Vlaanderen binnen en de Prinsgezinden grepen hun kans.

Relletjes groeiden uit tot een regelrechte opstand tegen het twijfelend Gezag. In maart 1748 breekt er een oproer uit in het Gewest Groningen bij de
aankondiging van de geboorte van een nieuwe Prins van Oranje, de latere Prins Willen V. Boeren, burgers en buitenlui trokken gewapend met stokken,
zeisen en houwelen de stad in en eisten dan het Stadhouderschap weer erfelijk ging worden. Onrust sloeg over op het Gewest Friesland en in
Harlingen kwamen de schippers in opstand en trokken naar Leeuwarden. De Prins verrastte vriend en vijand door drie Regimenten uit het Gewest
Overijssel erop af te sturen, teneinde de rust te herstellen. Maar dat hielp niet veel en overal in het land braken opstanden en relletjes uit.

Uit angst voor de bevolking werd overal de Prins van Oranje erkend als Stadhouder en als Kapitein-Generaal der troepen. Ondanks zijn enorme macht
was de Prins niet in staat om structurele hervormingen door te voeren. Dit is mogelijk terug te voeren aan zijn gebrek aan doorzettingsvermogen en
het feit dat hij ieder tot vriend wilden behouden. Willem IV kon niet de krachten die waren onstaan binnen de Republiek, onder controle krijgen.
Daarom wendde hij zich tot Hertog Lodewijk Ernst van Brunswijk-Wolfenbuttel, die voor 60.000 gulden bereid was het Gouverneurschap van
´s Hertogenbosch op zich te nemen. Daardoor waren velen in hem teleurgesteld en keerden hem de rug toe. In 1751 ging de Prins naar Spa om te
kuren. Na zijn terugkeer werd hij ziek en overleed na enkele dagen ziekbed. Acht jaren later overleed ook Anna van Hannover. Haar lichaam werd
met alle pracht en praal bijgezet in de crypte van de Oranje´s in de Nieuwe Kerk te Delft.


De begrafenis van Prins Willem IV van Oranje

Hun zoon Prins Willem V was 11 jaren oud en die kwam onder voogdijschap van de Hertog van Brunswijk-Wolfenbuttel, die daar flink geld voor vroeg
en kreeg! De eerbiedwaardige Edele 'leverde' een nazaat af, die uitermate geschikt was voor de troon. Prinses Anna van Hannover werd geboren op
12 november 1709 in Herrenhausen, een plaatsje vlakbij de stad Hannover. Zij overleed in 's Gravenhage op 12 januari 1759 en werd bijgezet in de
Koninklijke Crypte in de nieuwe Kerk te Delft. Zij was de dochter van George II, Koning van Groot-Britannie, Schotland en Ierland,
Keurvorst van Hannover en Carolina Markgravin van Brandenburg-Anspach.

Daar zij de oudste dochter was van het echtpaar verkreeg de Prinses ook de titel van 'Princess Royal', dus de Troonopvolgster. Zij trad in het huwelijk
op 25 maart 1734 in Londen met Prins Willem IV van Oranje. Anna van Hannover werd welliswaar geboren in Duitsland maar groeide op in Engeland,
waar haar familie sedert de troonsbestijging van haar grootvader als Koning van Engeland, Schotland en Ierland, woonde. De jeugd van Anna was
eerder onaangenaam dan plezierig. Door voor durende ruzie's, twisten en bekvechten om elk klein detail - tot in de finesses -kon men eerder spreken
van een ellendige tijd en de daarmee gepaard gaande opvoeding.

De levenswandel van zowel vader als grootvader diende haar bepaald niet tot voorbeeld. Vrouwen waren voor de heren, het ontbijt, middag- en
avondmaal tegelijk. Het 'gebruik' daarvan was bekend en werd veelvuldig toegepast in de wetenschap dat bastaard nazaten, geen enkele belemmering
vormden voor het illustere duo. George I (grootvader) ontrok het ouderlijk gezag aan zijn zoon, daar hij van mening was dat George II niet beter
mocht zijn op het eerder genoemde gebied dan hijzelf. Desondanks kreeg de 'Princess Royal' een goede educatie. Zij was kunstzinnig en daaruit voortlvloeiend heftig geïnteresseerd in kunst van het borduren, schilderen, ivoorsnijden en muziek.

Haar talent voor muziek was zo groot dat de beroemde componist George Friedrich Handel haar leermeester werd. Luidens de verklaring van Handel
daarover, was hij de mening toegedaan dat Hare Koninklijke Hoogheid, geen Koningin zou worden of geen man zou vinden, zij het stiel van musicus
- zonder moeite - goed kon uitoefenen. Het Huis van Oranje-Nassau had met deze verloving en de daaraan gekoppelde trouwpartij, goede zaken
gedaan. Handel was bijna een maand ouder dan Bach en werd op 23 februari 1685 eveneens in Noord-Duitsland (Halle) geboren.


George Friedrich Haendel

Zijn vader was vorstelijk chirurg. Friedrich kende materieel gezien een onbezorgde jeugd. Voor en tijdens zijn muziekopleiding bij Zachow studeerde hij rechten, en als zeventienjarige genoot hij reeds een grote faam als organist, en kreeg een betrekking aan de gereformeerde Domkerk van Halle.

In 1703 trekt hij plots naar Hamburg, en werkt er als violist en clavecinist met Mattheson aan de opera. Hij gaat zijn muziekopleiding voltooien in Italië, en heeft in Firenze, Rome, Napels en Venetië vruchtbaar contact met Scarlatti, Marcello en Corelli. In Venetië wordt hij een succesrijk operacomponist, en zijn faam gaat hem vooral naar Hannover, waar hij als hofkapelmeester wordt benoemd. Er was echter zo weinig werk, dat hij er zonder toestemming uittrekt, en naar Londen reist.

In 1714 echter werd Keurvorst Georg van Hannover King George van Engeland. Veiligheidshalve houdt Handel zich een tijdlang in de schaduw, en volgens de overlevering (waarom zou die het voor een keer niet eens bij het rechte eind kunnen hebben?) ensceneerde hij de verzoening door de "Water Music" suite.


Prinses Anna van Hannover

Zo werd hij officieel hofcomponist en muzikaal alleenheerser. Hij richtte de Royal Academy of Music op, waar de Italiaanse opera hoogtij vierde.
De veertig opera's die hij hiervoor componeerde werden eerst de laatste jaren onder het stof van de archieven gehaald. De enige die in bredere
muziekkringen bekende melodie was het Largo uit Xerxes. Stilaan werden er bressen geslagen in zijn alleenheerschappij: John Gay ridiculiseerde met
zijn Beggar's Opera de Italiaanse opera zozeer, dat het grote en zelfs hoge publiek wegbleef. Handel ging op reis naar Duitsland om zijn zieke moeder
te bezoeken en zelf van de emoties te bekomen en hij had er een ontmoeting met Wilhelm Friedemann Bach dat hem opbeurde.

Bij zijn terugkeer in Londen reorganiseerde Handel de opera-onderneming. Daarnaast ging hij zich geleidelijk meer interesseren voor het genre
waaraan hij zijn tweede carrière te danken had en dat hem ruimschoots vergoedde voor de mislukking: het oratorium. In 1737 kreeg de componist
een beroerte, waarvan hij herstelde door een kuur in Aken. In drie weken tijd componeerde hij "The Messiah" voor een liefdadig doel in Dublin,
terwijl in Londen zelf de grote doorbraak kwam na "Juda Maccabeus". Terwijl hij aan "Jephta" werkte, kreeg hij last met de ogen en werd geleidelijk
blind. Na deze morele klap te boven zijn gekomen, begon hij aan een late carrière als orgelvirtuoos en -improvisator. Helaas stierf Handel plots op
Goede Vrijdag, 14 april 1759 en zijn lichaam werd bijgezet in Westminster Abbey te Londen, Engeland.

Het was een 'Marriage de Raison ' maar dat mocht de pret niet drukken. De lager in rang staande Willem IV had met deze vrouw een schot in de roos gedaan. Precies wat de geslachten altijd deden. Door dit succes, versterkten - met name de Friese Nassau's - hun positie als Koninklijke Dynastie. In het vervolg konden voor de nazaten huwelijken worden afgesloten die 'op niveau' zouden zijn. Dat wilde zeggen, in de top van de Monarchale Hiërarchie. Zoals reeds vastgesteld, waren zaken, zaken en daar ging het om. De liefde - als die er zou wezen - was mooi meegenomen. Tot verbazing van een ieder, klikte het tussen die twee buitengewoon.


Prins Willem IV


Prinses Anna van Hannover

Dat was iets, dat niet in scenario was opgenomen Edoch, niet getwijfeld, het zou mooi worden, zo vond men. Dat de Prins en Prinses gek op elkaar waren, bleek wel uit de nagelaten omvangrijke correspondentie tussen hen. Uit elke brief bleek de diepe genegenheid tussenWillem IV en Anna. Zij schreef bijvoorbeeld: 'Mijn hoofd en hart behoren alleen jou toe'. Het leven in Londen was aangenamer dan de leefomgeving in het provinciale Leeuwarden. Bovendien kon zij het met haar schoonmoeder Maria Louise van Hessen-Kassel niet erg goed vinden. Die twee lagen elkaar gewoon niet. Maar Anna liet zich niet op haar kop zitten

en Maaike Moui haar schoonmoeder) kon de bomen in. Zeker nadat Willem van verheven tot Prins-Stadhouder over alle Gewesten in 1747. Dat noopte
het paar Friesland links te laten liggen voor wat het was. 's Gravenhage riep en die aantrekkingskracht was groot voor Willem IV en Anna van
Hannover. Men nam intrek in het voormalige huis van de Graaf van Albemarle. De Prinses had politieke ambitie's. Regelmatig was Anna aanwezig bij
politieke vergaderingen en beraadslagingen. Zij nam initiatieven, bemiddelde en adviseerde haar man en anderen bij benoemingen. In het jaar 1751 veranderde er voor Prinses Anna veel. Haar man werd ziek in Spa en stierf na enkele dagen ziekbed.

Na de dood van Willem IV, die overigens talloze onbekende bastaarden op de wereld had gezet, werd zij Regentes Daar de functie van Stadhouder in
alle Gewesten erfelijk was verklaard, werd de opvolger automatisch Stadhouder, geschikt of niet geschikt. Dat was het voorrecht van Erfstadhouder te
zijn. Met het Regentschap van Prinses Anna ging het niet zo goed. De trotse en eigenzinnige Prinses toonde in deze functie weliswaar karakter maar
niet voldoende om het juist en goed te doen. De kritieken waren dan ook niet van de lucht. De een kletste - achter haar rug om - het verhaal dat ze
geen inzicht had in de materie, wat ook zo was en de ander - in haar gezicht - prees Anna regelrecht de hemel in. Ook haar al zwakke gezondheid is
debet aan het niet slagen van de missie voor haar zoon.

In 1759 kwam - bij meerderjarigheid van Willem V Batavus -,er een einde aan deze onsierlijke vertoning. De vermolmde Republiek en ook de Staten
sudderden kalmpjes door. Anna legde moede het hoofd in de schoot en de dood kwam voor haar als een verlossing. Gememoreerd mogen worden de
door haar gesproken woorden over verloop van har leven en dat van haar man:' Dat er sedert het verlies van mijn gemaal geen dag is voorbij gegaan,
dat ik niet verlangde deze wereld te verlaten'. Op haar praalbed werd Prinses Anna, zoals te doen gebruikelijk, enige dagen ten toon gesteld opdat
men haar de laatste eer kon betuigen. Van de kamer en het praalbed bestaat een redelijk nauwkeurige beschrijving die wij u niet willen onthouden:

'Het gebalsemde lijk van Hare Koninklijke Hoogheid ligt in een wit satijnen kleed, alsof zij sluimert. Aan weerszijden van het bed zitten rouwende
hofdames, edellieden en adjudanten. De gehele kamer is zwart behangen, van boven en onder versierd met festoen en fries van zilvermoire en met
zilveren tranen bezaaid. Aan het hoofdeinde staan doodlusters met brandende waskaarsen. Aan het voeteneinde twee verzilverde gueridons met elk
zestien waskaarsen; hiertussen de Kroon en Koninklijke mantel op een taboeret'. Prinses Anna van Hannover, Princess Royal van Engeland, Schotland
en Ierland, Prinses van Oranje, Prinses van Oranje-Nassau werd op 23 februari 1759 te Delft bijgezet in de Koninklijke Grafkelders in de Nieuwe Kerk.


Prinses Carolina met haar moeder Anna

Wilhelmina Carolina van Oranje-Nassau (Leeuwarden, 28 februari 1743 – Kirchheimbolanden, 5 maart 1787) was de dochter van stadhouder Willem IV en prinses Anna van Hannover.

Zij werd als derde kind in Leeuwarden geboren nadat de eerste
twee kinderen reeds waren overleden.Carolina was de oudere zuster van Willem Batavus van Oranje-Nassau, de latere stadhouder Willem V. Willem IV was reeds erfstadhouder en in 1747 werd bepaald dat het stadhouderschap ook in de vrouwelijke lijn kon worden doorgegeven.

Daardoor had Carolina in theorie de mogelijkheid om zelf stadhouder te worden wanneer haar broer iets zou overkomen. Toen vader Willem IV in 1751 stierf, was Willem Batavus slechts drie jaar. Op 5 maart 1760 trouwde Carolina met Prins Karel Christiaan van Nassau-Weilburg. Het echtpaar vestigde zich in Den Haag, en liet er een paleisje bouwen (thans de Koninklijke Schouwburg). Carolina was zeer muzikaal.


Prinses Carolina op 18-jarige leeftijd

In 1765 bezocht Wolfgang Amadeus Mozart Nederland. Zowel Wolfgang als zijn zuster Nannerl waren erg ziek, zodat het bezoek tot in 1766 duurde.
Daarbij componeerde Mozart de nodige stukken en was hij getuige van de installatie van Willem V als stadhouder. Carolina en Karl-Christiaan
kregen 15 kinderen.

Hun zoon Frederik Willem van Nassau-Weilburg (1768-1816) zette de lijn voort, die uiteindelijk via een vrouwelijke lijn leidde tot Hendrik van Nassau-Weilburg, de huidige Groothertog van Luxemburg.

Carolina trouwde op 5 maart 1760 met Karel Christiaan van Nassau-Weilburg. Uit dit huwelijk werden 15 kinderen geboren:

  • George Willem Belgicus (1760-1762)
  • Willem Lodewijk Carel (1761-1770)
  • Augusta Maria Carolina (1764-1802)
  • Wilhelmina Louise (1765-1837) gehuwd met Hendrik XIII van Reuss zu Greiz
  • Frederik Willem (1768-1816), gehuwd met Isabelle van Sayn-Hachenburg-Kirchberg
  • Carolina Louise Frederica (1770-1828) gehuwd met Karl Ludwig von Wied-Runckel
  • Karel Lodewijk (1772)
  • Karel Frederik Willem (1775-1807)
  • Amalia Charlotte Wilhelmina Louise (1776-1841) gehuwd met Victor II van Anhalt-Bernburg-Schaumburg-Hoym
  • Henriëtte (1780-1857) gehuwd met Lodewijk van Württemberg
  • vijf naamloze kinderen (1767, 1778, 1779, 1784 en 1785)

In de vrouwelijke lijn werd hun kleindochter Emma van Anhalt-Bernburg-Schaumburg-Hoym de grootmoeder van Emma van Waldeck-Pyrmont, koningin-gemalin der Nederlanden. De huidige koningin Beatrix stamt dus rechtstreeks van hen af. Ook de huidige Britse Koningin
Elizabeth II, de Spaanse Koning Juan Carlos en Zweedse Koning Karel XVI Gustaaf stammen van Carolina af.

Nog in de grondwet van 1917 werd bepaald dat de erfgenamen van Carolina het Koningschap van Nederland konden bekleden:

Artikel 15
Bij ontstentenis van een opvolger, krachtens een der vier voorgaande artikelen tot de Kroon geregtigd, gaat deze over op de wettige mannelijke uit
mannen gekomen nakomelingen van wijlen Prinses CAROLINA VAN ORANJE, zuster van wijlen Prins WILLEM DEN VIJFDE en gemalin van wijlen
den Prins van Nassau-Weilburg, op gelijke wijze als in artikel 11 ten opzigte van de nakomelingen van wijlen Koning WILLEM FREDERIK,
Prins van Oranje-Nassau,is bepaald.

Helaas stierf Carolina op 44-jarige leeftijd in Kirchheimbolanden.