Het Huis van Oranje

Ontstaan Geslacht

Heraldisch Wapen
Orange

Orange. Het is een prachtig stadje in de Vaucluse ongeveer twintig kilometer ten noorden van Avignon. Netzo als in Parijs heeft het een Arc de Triumphe. Het fraaie stadje is gegrondvest in het jaar 35 voor Christus door veteranen van het Tweede Gallisch-Romeinse Legioen. De naam Orange komt van het 'Orange fruit ' dat veelvuldig in het gebied van de Vaucluse, onderdeel van de Provence, wordt gekweekt. Thans heeft het rond de 30.000 inwoners. De Arc en het beroemde Romeinse Theater staan sinds 1981 op de lijst van het Wereld erfgoed van de UNESCO. Het is ook de warmste stad van Frankrijk. In de 4e eeuw werd het een Bisdom. Vervolgens werd het een Graafschap en 400 jaren later veroverde Guilhelm(Willem) een edel- en leenman van Karel de Grote, Orange. Orange, was een Graafschap en later Prinsdom in het zuiden van Frankrijk dat tot 1711 zelfstandig was. Het grensde in het westen via de Rhône aan Frankrijk en werd aan alle andere zijden omsloten door het Comtat Venaissin. Het gebied Orange heeft de geschiedenis die veel ouder is als die van het geslacht Nassau's. Zoals reeds vermeld was de stad van grote betekenis in de tijd van de Romeinen. Vele Romeinse oudheden herinneren aan die glorieze tijd. De eerste Graaf van Oranje was, volgens de overleving, Willem met de Hoorn (Guilhelm, of Guillaume au Court Nez), een hoveling van Karel de Grote, die zich verdienstelijk zou hebben gemaakt met het verdrijven van de Moren uit he Rhone-dal en de stad Oranje in 793 op de Saracenen zou hebben veroverd.
Als deel van het oude Koninkrijk Bourgondië, behoorde het Graafschap sinds 1032 tot het Heilige Roomse Rijk. Maar over de geschiedenis van het ontstaan van het Prinsdom hangen sluiers en die werden langzamerhand opgelicht als in de 12e-eeuw de Heren van Baux, stammende uit de Provence het gebied in eigendom verkrijgen. Over het ontstaan van het geslacht Baux zijn geen verdere gegevens bekend. Het Gravenhuis Baux, splitste zich in 1150 in twee linies, waarvan er een in 1163 door Keizer Frederik Barbarossa I in de Rijksvorstenstand werd verheven. Het gebied van deze laatste tak kwam na de dood van Raimbaud III via diens zuster Tiburge III toe aan haar echtgenote Bertrand I van Baux. Het gebied van de Grafelijke tak werd aanvankelijk afgestaan aan de Johannieterorde - een Maltezer Orde - , maar Bertrand III herenigde geheel Oranje in 1308.Het was een klein gebied Orange, dat dankzij de Keizer als Prinsdom werd erkend en waarvan de heerser voortaan soeverein Vorst was. De Prins diende zich bewust te zijn van het feit dat zijn gebied, grenzende aan de Pauselijke grondgebied Comtat Venasissin, een enclave vormde, open lag voor grote gevaren die inderdaad niet zijn uitgebleven. Juist die Soevereiniteit gaf de problemen en daarmede ook de grote aantrekkingskracht weer. Internationaal bezien stond de Prins van Oranje hoger op de Adellijke ladder dan zijn neven van Nassau.

Arc de Triumphe

Romeins theater

De stad telt twee Romeinse monumenten die op de Werelderfgoedlijst van UNESCO staan:

* De Triomfboog
* Het antieke Romeinse Theater (103 m breed en 36 m hoog)

Het theater, gebouwd rond het begin van onze jaartelling, is een van de best bewaarde voorbeelden van Romeinse bouwkunst in Frankrijk (zie ook Arena van Nîmes). De triomfboog is gewijd aan de veteranen van het Gallische Legioen XI (de stichters van de stad) en aan keizer Tiberius.

Mede daarom nam Jan III zowel als later Rene van Châlon, deze titel in de eerste plaats aan. Bovendien was de rang van Prins ook voor zijn opvolgers het interessante van alle nog verkrijgende titels.Samenvattend kan men stellen dat Jan III (vader van Renatus) en Renatus van Nassau (René van Châlon) Prins van Oranje werden dankzij vererving van goederen. In de jaren erna werd diens opvolger (Willem I, "de Zwijger" Prins van Oranje en Nassau) niet alleen Prins van Oranje maar tevens Prins van Oranje-Nassau. De verwachtte samenvoeging van beide geslachten is hier feitelijk ontstaan. Duidelijk was dat het geslacht van Oranje zich niet zo heeft ontwikkeld als dat van Nassau, dat in de tijd van Keizer Karel V zich duidelijk manifesteerde, terwijl er nog geen sprake was van het geslacht der Oranjes..

Na de dood van Raimond V van Baux erfde diens dochter Maria het Prinsdom. Via haar gemaal Jan III van Châlon kwam het gebied aan het Huis Châlon en met het sterven van de laatste telg van dit geslacht, Philibert, aan diens neef Renatus van Nassau (René van Châlon), de zoon van zijn zuster Claudia en Hendrik III van Nassau-Breda. Onder René werd Oranje als twistappel tussen Karel V en Frans I verschillende malen door Frankrijk bezet. Omdat ook hij kinderloos was, benoemde hij zijn neef Willem van Nassau tot opvolger. Deze Guilhelm d'Orange geldt als de stamvader van de Oranjes en dus van het huidige vorstengeslacht van het Koninkrijk der Nederlanden. Over de afkomst van deze Guilhelm d'Orange, wordt nog altijd gediscussieerd door historici.

Hij zou van Joodse of Mengrovische afkomst zijn. En werd tot twee keer toe heilig verklaard door het Vaticaan. Hij kreeg daardoor verschillende namen, w. o. Sint Willem van Oranje, ook Willehalm, Guilhelm, Guillaume's (9de eeuw). Zijn feestdag wordt op 30 april gehouden. Guilhelm (Willem) d'Orange, of Willehelm was ook Graaf van Razès, Toulouse, Barcelona en tevens Hertog van Aquitanië. Hij zou de Arabische en Hebreeuwse taal hebben beheerst en de Leeuw van Judah zou op zijn schild hebben geprijkt. Guilhelm was een belangrijke leenman en strijder aan het hof van Karel de Grote.

Dat was de toen heersende vorst. Guilhelm werd opgevolgd door Bertrand-Rambauld, Graaf d'Orange en Nice. Die leefde tussen 1034 en 1097. Zijn zoon Rambauld II (ca. 1066), Graaf van Orange, was een van de aanvoerders van de eerste kruistocht van 1096 naar Antiochië (Turkije) en Jeruzalem. Hij had nog even tijd en zijn dochter was Tiburge d'Orange (1107-1173). Het Prinsendom van Orange ontstond pas in 1163 in het zuiden van Frankrijk en was volledig omsloten door Frankrijk. Met toestemming van de Duitse Keizer Frederik Barbarossa I, mocht het Graafschap zich een Prinsendom noemen. Het was niet groter dan zo'n 300 vierkante km. Dat Orange zich een Prinsendom mocht noemen en soeverein was, bracht een belangrijke status met zich mee,.

De Prins van Orange stond op gelijke voet met de andere Europese vorsten. Het heersende geslacht werd met uitsterven bedreigd en via huwelijk, kwam het voor de helft in handen van het Huis van Montpellier. In 1189 kreeg het Huis van Baux het Prinsendom in zijn bezit. En Bertrand I van Baux die was getrouwd met de laatste Prinses van Orange, werd vrolijk Prins van Orange. De laatste Prins van Orange uit het Huis van Baux was Raimond V en leefde van 1340 tot 1393. Echter Raimond V had maar een dochter, Maria. Deze dochter trouwde met Jean III van Châlon.

Guilhelm d'Orange

Het Prinsdom in 1547

Het gebied van deze laatste tak kwam na de dood van Raimbaud III via diens zuster Tiburge III toe aan haar echtgenote Bertrand I van Baux. Het gebied van de Grafelijke tak werd aanvankelijk afgestaan aan de Johannieterorde -een Maltezer Orde -, maar Bertrand III herenigde geheel Orange in 1308. En Bertrand I van Baux die was getrouwd met de laatste Prinses van Orange, werd vrolijk Prins van Orange. De laatste Prins van Orange uit het Huis van Baux was Raimond V en leefde van 1340 tot 1393.

Echter Raimond V had maar een dochter, Maria. Deze dochter trouwde met Jean III van Châlon. Deze erfde het Prinsdom en daardoor kwam het dus in het bezit van het Huis van Châlon terecht. Zo kwam de titel van Prins van Orange in het Huis van Châlon. Philibert van Châlon was de laaste van zijn generatie. Hij kreeg al snel moeilijkheden met de Franse Koning, die het Prinsdom wilde inlijven. Philibert des Châlon-Orange, zocht daarom hulp bij Keizer Karel V. Helaas mocht dat niet baten, want Koning Frans I van Frankrijk nam vrolijk Orange in beslag en zette Philibert van 1524 tot 1526 gevangen. Bij de vrede van Madrid liet men Philibert weer vrij en hij begon aan een korte maar schitterende loopbaan in het leger van Karel V.

Na de dood van Raimond V van Baux erfde diens dochter Maria het Prinsdom. Via haar gemaal Jan III van Châlon kwam het aan het Huis Châlon en met het sterven van de laatste telg van dit geslacht, Philibert, aan diens neef Renatus van Nassau (René van Châlon), de zoon van zijn zuster Claudia en Hendrik III van Nassau-Breda. Onder René werd Orange als twistappel tussen Keizer Karel V en Koning Frans I van Frankrijk verschillende malen door Frankrijk bezet. Omdat ook hij kinderloos was, benoemde hij zijn neef Graaf Willem van Nassau tot opvolger.

Als Opperbevelhebber van het keizerlijke leger leidde Philibert de beruchte bestorming van Rome; 'Sacco di Roma'. Hierna verdedigde hij Napels tegen de Fransen. Als dank en beloning voor zijn moed, werd hij tot Vice-Koning van deze stad gekroond. Bij de vrede, die in 1529 met de Franse Koning gesloten werd, kreeg hij zijn Prinsendom Orange weer terug. Een jaar later sneuvelde hij op 28 jarige leeftijd bij Florence. Deze Philibert van Châlon liet geen kinderen na. Maar Philibert van Châlon, Prins van Orange had wel een zuster Claudia van Châlon genaamd, die een zoon had. Deze zoon was René van Châlon (1519-1544) en erfde in 1538 van zijn oom de titel Prins van Orange. Hier begon de connectie met het Huis van Nassau. René van Châlon voegde de namen Oranje en Nassau bij elkaar.

René de Châlon was de zoon van Claudia van Châlon (1498-1521) en van Hendrik III van Nassau (1483-1538). Dat René, van Châlon werd genoemd kwam omdat zijn moeder van een voornamere familie afstamt dan Hendrik III van Nassau (1483-1538). De Châlon's waren tenslotte in bezit van het Vorstendom Orange, dat geen leen, maar een soeverein Vorstendom was. Daarom voerde Rene van Châlon het devies Je maintendrai Châlon wat door Willem de Zwijger later gewijzigd is in Je maintendrai Nassau.

René van Châlon, Prins van Orange en Graaf van Nassau (1538), geboren op 5 februari 1519 te Breda, Stadhouder van Holland, Zeeland en Utrecht (1540), van Gelderland (1543), Heer van de France-Comté, Ridder van het Gulden Vlies (1531) en vooral legeraanvoerder. Hij was de eerste van de Bredase Nassau's die in een strijd sneuvelde.

Keizer Karel V wilde zich in de buurt van Parijs vestigen en gaf daarom het opperbevel aan René van Châlon. In 1542 ging René van Châlon de strijd aan met de Franse Koning Frans I. Tijdens het beleg van Saint Dizier in Champagne werd hij op 17 juni 1544 getroffen door een kanonskogel die hem de rechterschouder verbrijzelde en hem uiteindelijk fataal werd.

Zijn praalgraf staat in de St.Pieterskerk te Bar-Le-Duc Op zijn graf prijkt een monument met het half ontvleesd skelet van Rene van Châlon, in de opgeheven hand bevindt zich een kristallen bol waarin het Prinselijk hart heeft gezeten. Het huwelijk van Rene van Châlon, Prins van Oranje bleef kinderloos en toen hij sneuvelde in 1544, erfde zijn volle Duitse neef Willem I (De Zwijger) van Nassau-Dillenburg de titel Prins van Oranje. Hij werd de Stamvader van het Huis Oranje-Nassau.

Het Praalgraf van Rene van Châlon Prins van Oranje, is niet zijn laatste rustplaats. Die plek is - formeel bezien - , de Grafkelder van de Oranje´s in de Nieuwe Kerk te Breda. Daar rust zijn stoffelijk overschot tot in alle eeuwigheid, zo staat geschreven in het Boek des Levens.

Rene van Châlon,
Prins van Orange
Graaf van Nassau

Praalgraf van Rene van Châlon
St. Pieterskerk
Bar-le-Duc

Keizer Karel V bepaalde dat hij de erfenis alleen mocht aanvaarden, als hij katholiek opgevoed werd aan het Keizerlijke hof te Brussel. Onder Willem (de Zwijger) van Nassau-Dillenburg (1533-1584), Prins van Oranje (1544-1584) begon de Vereniging der Nederlanden. Dat was een redelijk ondankbare taak met al die politieke kuiperijen. Want ook in die tijd had men het stiel van politicus al heel aardig onder de knie. Hoofdzaak was dat de jonge Willem van Oranje in het bezit van Rene's erfenis geraakte. Deze bestond uit de Nederlandse goederen, die in de France-Comté lagen ,waar alleen de aanspraken op Chastelbellin betwist werden. Later ook nog, na de vrede, uit het Prinsdom Orange en de vier Baronieën in de Dauphine. Er werd geen enkel bewijs gevonden, dat de bezittingen in het Hertogdom Bourgondië, die in de Provence of elders hem waren toegevallen.

Prinsdom Orange en de vier Baronieën in de Dauphine

Departement Vaucluse

Een zo'n uitgebreid bezit kon niet alleen worden bestuurd door de eigenaar met zijn Baljuwen, Rentmeesters en Secretarissen. Er was een Raad nodig van Rechtskundigen, financiële Deskundigen. Van oudsher had de Graaf van Nassau deze mensen wel in dienst. Daaruit werd een Raad gevormd die later de naam van 'Raad nevens Zijne Excellentie' zou krijgen en een vast lichaam zou worden. Door de uitgebreidheid van de bezittingen van Oranje-Nassau speelde deze Raad een belangrijker rol dan de Edelen in dienst van het Geslacht Oranje. De opbrengst van deze bezittingen was slechts bij benadering vast te stellen. Vele landerijen, gebieden en andere stukken grond - meeste buiten de Nederlanden - waren verpacht. Een berekening van 880.000 a 1.300.000 livres per jaar zou mogelijk kunnen zijn. Het daaraan gekoppelde vermogen kon men schatten op 14 miljoen livres. Tegenwoordig is dat ongeveer 2.6 Miljard Euro. René was dus behoorlijk rijk en zijn huwelijk met Anna, bracht alleen maar meer geld in het laatje van de Orang(j)e's.

Stamboom

Stamboom René van Châlon (1519-1544)

Grootouders:

  • Johan V van Nassau-Dietz (1455-1516)
  • Getrouwd in 1482
  • Elisabeth van Hessen (1466-1523)

 

  • Jan IV van Châlon-d'Arlay
  • Getrouwd jaar onbekend!
  • Filiberte van Luxemburg

Ouders:

  • Hendrik III van Nassau-Breda (1483-1538)
  • Getrouwd in 1515
  • Claudia van Châlon (1498-1521)

 

  • René van Châlon (1519-1544)
  • Getrouwd in 1540
  • Anna van Lotharingen (1522-1568)

Kinderen:

  1. Maria van Châlon (1544?)

Anna van Lotharingen (25 juli 1522—Diest, 15 mei 1568)
was de dochter van Hertog Anton de Goede en Renata de Bourbon-Montpensier. Zij trouwde op 22 augustus 1540 te
Bar-le-Duc met René van Châlon (1519-1544), Prins van
Oranje. Ze kregen een dochtertje, Maria, dat slechts 3 weken oud werd en werd bijgezet in de Grote Kerk te Breda.

Na de dood van René in 1544 huwde ze op 9 juli 1548 met
Filips II van Croÿ-Aarschot, Hertog van Aarschot en
Stadhouder van Henegouwen. Met hem kreeg zij een zoon,
Karel Filips van Croÿ (1549-1613).

Stamboom

Stamboom Anna van Lotharingen (1522-1568)

Grootouders:

  • Man, onbekend?
  • Vrouw onbekend?

Ouders:

  • Anton II van Lotharingen of Anton de Goede
  • Getrouwd jaar onbekend!
  • Renata van Bourbon-Montpensier

 

  • Anna van Lotharingen (1522-1568)
  • getrouwd in 1540
  • René van Châlon (1519-1544)


Kinderen:

  1. Maria van Châlon (1544?)




De fraaie fontein in het centrum van Orange

Prachtige Romeinse bouwwerken, ook in Orange

De ongeveer 29.000 inwoners tellende stad Orange vinden we in het Departement (84) Vaucluse. De stad heeft een rijke geschiedenis en heeft aan aantal interessante bezienswaardigheden, waarvan er twee zelfs op de Werelderfgoedlijst van UNESCO staan. Allereerst het Romeinse Theater dat zeer goed bewaard is gebleven en de authentieke Romeinse sfeer goed weet weer te geven. De tweede op de UNESCO lijst is de Romeinse Triomfboog welke gebouwd is ten ere van de veteranen van het Gallische Legioen XI. Naast een bekende wijnbouw streek (Côtes du Rhône) werden hier vroeger ook veel sinaasappelen verhandeld. Dit heeft bijgedragen aan de Franse benaming voor Sinaasappel (Orange) en hierdoor ook invloed heeft gekregen op de aanduiding van de kleur Oranje. Een interessant feit is dat Willem van Nassau (Willem I) de stad en het Prinsendom in 1544 erfde van zijn neef René van Chalon. Hierdoor werd Willem I, Prins van Orange (Oranje).

Nu is Orange lang niet zo bekend meer als eeuwen geleden. Het stadje ligt net nasst de snelweg (Route du Soleil) die naar Aix en Provence gaat of naar Spanje De oude huizen van weleer maken langzamerhand plaats voor moderme gebouwen als flats en dicht op elkaar staande eensgezins woningen. Ook hier is bouwgrond duur en dient dus goed en economisch te worden gebruikt. Weinig bekend is dat in Orange een kazerne is gevestigd van de Kepi Blanche (het Franse Vreemdelingen Legioen) oftewel Le legion Etrangere. Als je Orange doorrijdt richting het Zuiden, kom je aan het einde van het stadje de legerplaats tegen met een perfect geklede Legionnair die wacht loopt voor de poort.

Departement Vaucluse ten voeten uit

De Mont Ventoux met bovenop de TV-Toren

Vaison la Romaine

Vaucluse is een echte Provence streek en ligt in het noordwesten van de regio Provence-Alpes-Côte d'Azur. Een echte streek van het goede leven waar een gevestigde Bourgondiër zich snel thuis zal voelen. Naast truffels en meloenen vind je in de streek ook druiven, de meest bezichtigingwaardige wijngaarden vind je bij Châteauneuf-du-Pape, het beroemde wijndorp. Ook cultuur liefhebbers zullen zich prettig voelen in de streek door de vele bezienswaardigheden. Zo vindt men in Vaucluse onder andere de stad Avignon, het Pauselijke Paleis en de Fontaine de Vaucluse. Maar ook vele overblijfselen van de Romeinse cultuur, zoals bijvoorbeeld bij de opgravingen van Vaison-la-Romaine. Qua natuur biedt Vaucluse een prachtig berglandschap, Mont Ventoux en ook het regionale park Luberon. Vaucluse is ook een populaire regio onder golf liefhebbers, het gebied telt meerdere golfbanen die bekend staan om het gebruik van het landschap. Heuvels, veel groen en waterpartijen kenmerken de banen. Vaucluse heeft een inwoneraantal van rond de half miljoen op een totale oppervlakte van 3567 km².